Ondernemende advocaten voor de ondernemer

PAS op de plaats. Hoe nu verder?

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: ABRvS) heeft op 29 mei jl. een belangrijke uitspraak gedaan omtrent het stikstofbeleid in Nederland. Zij heeft geoordeeld dat het Programma Aanpak Stikstof (hierna: PAS) niet in overeenstemming is met Europese regelgeving, omdat het Natura-2000 niet voldoende beschermt. Een Natura 2000-gebied is een Europees en nationaalrechtelijk natuurgebied, waarin bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving worden beschermd om de biodiversiteit te behouden.

De gevolgen van deze uitspraak  zijn groot voor bouw- en infrastructurele projecten die een (nadelig) effect kunnen hebben op de stikstofdepositie in nabijgelegen Natura 2000-gebieden.

Essentie van de uitspraak

In artikel 6 van de Habitatrichtlijn, een Europese richtlijn, is vermeld dat voor elk individueel project dat significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, een passende beoordeling moet worden gemaakt. De wetgever heeft dit uitgangspunt in de Wet natuurbescherming opgenomen. Pas wanneer een passende beoordeling is gemaakt, kan worden besloten of het project mag worden uitgevoerd. De passende beoordeling wordt gemaakt aan de hand van een uitgebreid ecologisch onderzoek naar de mogelijke gevolgen van het project op een Natura 2000-gebied. De ABRvS heeft  bepaald dat het PAS, dat als toestemming vooraf bij vele projecten werd toegepast, hiermee niet in overeenstemming is.

Consequenties van de uitspraak

De uitspraak van de ABRvS zorgt voor veel onzekerheid. Lopende en voorgenomen bouwprojecten dreigen, tot er meer duidelijkheid is, stilgelegd te worden of komen niet (meer) van de grond. Zo is besloten dat de A27 vooralsnog niet wordt verbreed en dat de vliegbasis in Twente voorlopig niet wordt uitgebreid. Diverse gemeenten hebben inmiddels besloten de vaststelling van bestemmingsplannen uit te stellen, totdat aan de hand van een landelijk nog te ontwikkelen rekentool ten minste duidelijk is wat de stikstofeffecten van projecten (kunnen) zijn.

Hoe nu verder?

Voorheen kon voor een project in een aantal gevallen worden volstaan met het doen van een melding op grond van het PAS. Nu het PAS niet meer voldoet, zal per project bepaald moeten worden of het project een negatieve invloed heeft of kan hebben op de stikstofdepositie in nabijgelegen Natura 2000-gebieden. En daarvoor is een passende beoordeling nodig.

Elke uitvoerder van een project dat mogelijk een negatieve invloed heeft op een Natura 2000-gebied, heeft in beginsel een vergunning nodig op grond van de Wet natuurbescherming. Dit is momenteel met gebruikmaking van het PAS niet meer mogelijk.

Mogelijkheid ADC-toets

Het voorgaande betekent niet dat het momenteel onmogelijk is om een project, dat mogelijk een negatieve invloed heeft op een nabijgelegen Natura 2000-gebied, te laten doorgaan. Los van enkele andere opties bestaat namelijk de mogelijkheid een zogenaamde ADC-toets te laten uitvoeren.

De ADC-toets vloeit voor uit de Habitatrichtlijn. Het project moet dan aan de navolgende voorwaarden voldoen:

  1. (A) Er is geen alternatieve oplossing die minder schadelijk is voor de betrokken Natura 2000-gebieden;
  2. (D) Er is een dwingende reden van openbaar belang dat het project wordt gerealiseerd, en
  3. (C) Er worden voldoende compensatiemaatregelen getroffen.

Alternatieve oplossing

Of er een alternatieve oplossing mogelijk is die minder schadelijk is voor het nabijgelegen Natura 2000-gebied en op welke wijze compensatie dient plaats te vinden, is onder meer afhankelijk van de vraag hoe schadelijk het project is voor het betrokken Natura 2000-gebied. Daarvoor moet het eventuele areaalverlies op de langere termijn worden berekend. Bij de berekening wordt rekening gehouden met het kwaliteitsverlies binnen het Natura 2000-gebied door de extra stikstofdepositie en de eventuele overschrijding van de maximale depositiewaarden. Het berekende areaalverlies moet ten minste gecompenseerd worden.

Dwingend belang

Dwingende redenen van groot openbaar belang kunnen worden gevormd door economische, sociale of gezondheidsredenen. Deze redenen moeten zwaarwegend genoeg zijn om te worden aangemerkt als dwingende redenen van groot openbaar belang. Er dient ook deugdelijk onderbouwd te worden waarom sprake is van economische, sociale of gezondheidsredenen.

Compensatie

Om te bepalen in welke mate compensatiemaatregelen moeten worden getroffen, is afhankelijk van het berekende (areaal)verlies van het Natura 2000-gebied. Het (areaal)verlies moet ten minste gecompenseerd worden.

Conclusie

Wanneer een project is voorbereid met het PAS en mogelijk schadelijk is voor een nabijgelegen Natura 2000-gebied, maar eventueel kan worden voldaan aan de ADC-toets, kan het project toch (met enige vertraging)  doorgang vinden. Zo kon recentelijk de verbreding van de Kemperbaan in Veldhoven volgens de ABRvS alsnog doorgaan, omdat er een volgens de ABRvS correcte ADC-toets is uitgevoerd. Er zijn eventueel ook andere opties mogelijk.

Meer informatie
Wilt u meer weten of heeft u behoefte aan passend advies, dan kunt u contact opnemen met Dennis Janssen of één van de andere advocaten van onze sectie vastgoed.

Lees ook